Bibliografie

Ik ben in 2002 gedebuteerd met Liever gekust. Een boek waarin de hoofdpersoon zich losmaakt van
haar familie en haar eigen plek probeert te vinden buiten de familiestructuur. Het boek werd
genomineerd voor de Geert-Jan Lubberhuizenprijs voor het beste prozadebuut.

In 2008 verscheen Politiek gevangene dat vertelt over een jeugd die is getekend door het egoïstische
idealisme van de jaren-zestig-generatie. Dit boek verscheen ook nog in een speciale Volkskrantuitgave.

De afgelopen tien jaar heb ik geschreven aan een drieluik over een fictief Nederland waarvan de eerste
twee delen reeds zijn verschenen. Het land verscheen in 2013 en werd genomineerd voor de Dioraphte
Literatuurprijs en de E. du Perronprijs en In alle steden werd in 2018 genomineerd voor de Bookspot
Literatuurprijs (de voormalige Ako). Momenteel werk ik aan het laatste deel Onder duizend vlaggen.

Ik wil met dit drieluik tonen dat vaak als wij praten over Nederland, het een verzonnen land is
waarover wij praten. Daarnaast wil ik tonen dat de mens taal is. Dat als we het hebben over volksaard,
maatschappelijke waarden of identiteit, we het eigenlijk hebben over taal. Dat heb ik gedaan in Het
land
door te spelen met oude spreekwoorden en zegswijzen, in In alle steden door het bonte drukke
taalgebruik en de verbasterde zinnen met invloeden uit het buitenland.

Wat ik belangrijk vind is dat de stijl van een boek de boodschap ondersteunt en kracht bij zet. Zo heb
ik Het land geschreven in een monotoon ritme om het trage leven en de onveranderlijke wereld ook in
de stijl naar voren te laten komen. Ik vind dat er momenteel veel boeken verschijnen waar tijdens het
schrijven weinig aandacht is besteed aan de stijl en ik vind dat eigenlijk heel zonde.